Veiligheidsfuncties

De elektrische trekhulp is uitgerust met de volgende veiligheidsvoorzieningen:

  • Veiligheidsschakelaar voor disselkopsteun; Als de disselboom volledig rechtop of volledig omlaag staat, wordt deze veiligheidsschakelaar geactiveerd en wordt voorkomen dat de elektrische trekhulp gaat rijden. Zet de disselkop in het werkbereik ((F) zie product%20images/product_images_tt1500s.html#__fig_mzh_xlm_g1c) om met de elektrische trekhulp te rijden.
  • DCL; de elektrische trekhulp vertraagt tot hij gecontroleerd tot stilstand komt wanneer deze hendel wordt losgelaten (en in de neutrale stand staat) en blijft altijd volledig onder controle.
  • Bij stilstand of stroomuitval wordt de parkeerrem na enkele (programmeerbare) seconden ingeschakeld;
  • Veiligheidsomkeerschakelaar op disselkop; indien geactiveerd, rijdt de elektrische trekhulp gedurende enkele seconden automatisch in de tegenovergestelde richting (voor het geval de gebruiker bekneld zou raken tussen de elektrische trekhulp en een obstakel).
  • Noodstop: na een noodstop wordt de elektromotor spanningsloos gemaakt en de parkeerrem geactiveerd, de elektrische trekhulp kan dan geen bewegingen meer maken. Om de noodstop uit te schakelen moet de knop met een draaiende beweging worden uitgetrokken, waarna het elektrische circuit weer van stroom wordt voorzien.